Worstelingen in de supermarkt

(Sas’ Own Little World) Zelf vond ik nooit dat ik een lastige eter was. Weliswaar had ik als klein meisje zo mijn voorkeuren, maar voor mijn gevoel waagde ik me al gauw aan de wat experimentelere ingrediënten. Stamppot rauwe andijvie was uit den boze en ik gruwelde bij verhalen over het eten van kloppende slangenharten, maar over het algemeen sta ik best open voor het proberen van voedsel dat me in eerste instantie niet zo lekker lijkt.

De laatste tijd loop ik echter talloze rondjes door de supermarkt, niet wetend wat te eten. Het begint al bij het vlees. Als groot dierenliefhebber heb ik er eigenlijk mijn hele leven al moeite mee dat ik andere voorheen levende dieren opeet. Vanaf het moment dat ik me bewuster werd wat ik eigenlijk at, kost het me steeds meer moeite om vlees te eten. Al jaren eet ik alleen gehakt, kipfilet, shoarma en incidenteel een schnitzel. Zodra er bot in zit of het vlees te roze is, vergaat mijn eetlust meteen. Vis heb ik nooit heel fanatiek gegeten. Vissticks, kibbelingen en lekkerbekken waren wat dat betreft de uitzondering, maar een wandeling over de markt en de visogen joegen me een groot schuldgevoel aan.

Het zal menigeen dan ook verbazen dat ik nog altijd geen vegetariër ben. Hoewel ik er vaak over nagedacht heb en het heel logisch heb gevonden dat ik het ooit zou worden, heb ik de stap nooit gezet. De waarheid is dat mijn lievelingsgerechten lang zo lekker niet zijn zonder vlees en dat de smaak en de textuur van de alternatieven ‘the real deal’ bij lange na niet evenaren. Inmiddels staat het eten van vlees en de alternatieven me zo tegen dat ik ze beide vaak links laat liggen en alleen met een voorraad groente de winkel uitloop. Je zou me een flexitariër kunnen noemen.

Maar die groente: is die wel zo goed? Op vrijwel alle groentes en fruit zit tegenwoordig een ongezonde dosis aan pesticides, als ze al niet genetisch gemanipuleerd zijn. De voorgesneden groentes in de supermarkt zijn weer schoongemaakt met een of ander goedje zodat ze langer goed en vooral mooi blijven. Terwijl ik op mijn hoofd krabbend voor het fruit sta, valt mijn blik op een net mandarijnen. Eens een van mijn favoriete fruitsoorten, maar nu in mijn hoofd ook dé soort met de meeste giftige stoffen.

Vertwijfeld loop ik verder door de supermarkt: bij mijn opvoeding zat inbegrepen dat pakjes slecht, verslavend en dikmakend zijn. Als de luiheid in het koken niet wint, probeer ik die dus zoveel mogelijk te laten liggen en zelf te kruiden. Ook heb ik inmiddels zo vaak gelezen dat groentes in blik ongezond zijn omdat de giftige stoffen in het eten trekken. Met mijn handen in het haar loop ik verder, zonder eten in mijn winkelmandje ben ik bij de snoepafdeling beland: suikers, gelatine. Je weet wel, dat spul dat weer gemaakt wordt van dierenbotten. Voor de zoveelste keer vraag ik me af wie ooit bedacht heeft om dat in eten te stoppen. Even valt mijn oog op de winegums, die rode… waarvan ik weet dat er sprinkhanen in zitten.

Nog steeds niet wetend wat ik voor mezelf moet koken, loop ik terug. Weer langs die groentes, weer langs dat vlees… Me ondertussen bedenkend dat ik ook ontbijt moet hebben voor morgen. Maar al dat brood: schijnbaar zit dat vol ongezonde suikers en kan een groot deel van de populatie eigenlijk helemaal niet tegen tarwe. Eigenlijk is dat tarwe helemaal niet zo goed. Rondjes en rondjes. Dan maar yoghurt: maar yoghurt komt weer van koeien die daarvoor hutjemutje in een boerderij staan.

Wellicht vraag je je af: ‘Sas, waarom ga je niet naar de EkoPlaza?’ Ten eerste heeft dat tot nu toe altijd te maken gehad met pure luiheid, ik heb vijf supermarkten die dichterbij zitten en het fietsverkeer in de EkoPlazastraat is in de spits altijd al een chaos. Daarnaast heb ik van allerlei betrouwbare bronnen dat biologisch eten niet altijd biologisch eten is. Diverse mensen heb ik horen vertellen over fabrieken waar dezelfde niet-biologische koeken een andere verpakking aangemeten kregen. Ik heb verhalen gehoord over documentaires waaruit bleek dat de vrije-uitloopeieren gewoon eieren van hutjemutjekippen zijn. Is het dan de moeite om überhaupt biologisch proberen te kopen? Ik weet het niet meer.

Daar komt nog bij dat ik koken voor anderen heel leuk vind, maar toch veel te vaak alleen een maaltijd voor mezelf in elkaar moet flansen. Iets waar ik lang niet zo veel plezier in heb. Het allerergste is nog dat ik soms zoveel rondjes door de supermarkt loop, dingen uit het schap pak, weer terugleg, dat mijn maag uiteindelijk dusdanig fanatiek begint te knorren en de honger dusdanig begint toe te slaan dat ik me er maar bij neerleg: geen gezonde dag vandaag. Met tegenzin grijp ik dan naar een diepvriespizza. Morgen weer een dag.

Bron: Sas’ Own Little World

Translate »