Zweden’s beroemde kanelbulle (kaneelbroodjes) 

(Global Heart | Esther Haasnoot) De Zweden weten hoe ze moeten leven, hun kanelbulle (kaneelbroodjes) zijn daar een goed voorbeeld van. Ze zijn zoet en passen perfect bij een kopje koffie voor een traditionele “fika”.

Kanelbullens dag

De kanelbullens zijn misschien wel net zo Zweeds is als ABBA. De ‘kanelbulle’ is zelfs zo populair onder de Zweden, dat ze er een speciale feestdag voor ingeluid hebben. Elk jaar op 4 oktober viert Zweden  Kanelbullens dag, de dag van het kaneelbroodje. Maar op elke andere dag van het jaar zijn deze broodjes ook heel lekker om te eten. 

Zelf kanelbulle bakken

Om deze kannebullens zelf te maken, heb je de volgende ingrediënten nodig:

Ingrediënten

Voor het deeg

500 gram gewone bloem  (mag ook speltbloem zijn)

1 zakje droge gist (of 1 pakje verse gist)

½  tl kardemom

½ tl zout

100 gram suiker

60 gram zachte ongezouten roomboter

300 ml lauwe melk

Voor de vulling

50 gram zachte ongezouten roomboter

50 gram lichtbruine basterdsuiker

2 el kaneel

Voor de topping

1 scharrelei losgeklopt

2 el griessuiker (parelsuiker) ter decoratie

Bereidingswijze

Verwarm in een kleine steelpan de boter, de melk en het zout tot de boter gesmolten is. Laat het mengsel afkoelen tot het lauw is. Roer in een grote kom de bloem, gist, kardemom, suiker en zout door elkaar. Giet steeds een scheutje van het lauwe melkmengsel erbij, dat je vervolgens weer doorroert, totdat een plakkerig deeg ontstaat. Als het roeren met de vork niet meer zo gemakkelijk gaat, doe de vork dan weg en kneed dan het geheel met je handen gedurende 5-8 minuten.

Doe de bloem, 75 gr boter, 60 gr basterdsuiker, kardemom en een snufje zout in een grote kom. Voeg beetje voor beetje het melkmengsel toe. Kneed met je handen of met een keukenmachine alle ingrediënten goed door elkaar tot een plakkerig en elastisch deeg is ontstaan. Kom niet in de verleiding om extra bloem toe te voegen, want dan worden de broodjes droog en taai. Als je een mooie bol deeg hebt, kneed je nog zeker 6 minuten.

Doe het deeg in een ingevette kom. Dek de kom af met een schone theedoek en zet hem op een warme plaats om een uur te rijzen, of tot hij in omvang verdubbeld is.

Ondertussen meng je de ingrediënten voor de vulling. Meng de zachte boter, suiker en kaneel in een kom. Gebruik een vork om de suiker en de kaneel door de boter te mengen tot het volledig gecombineerd is. 

Voor de topping: Meng de resterende suiker en kaneel in een aparte kom en zet apart.

Zet een bakplaat met bakpapier klaar.

Als het deeg gerezen is, leg het voorzichtig op een met bloem bestoven werkvlak. Rol het deeg  uit tot een rechthoekige plak van 36×24 cm, ongeveer 1 cm dik. Verdeel het kaneel-suiker-boter mengsel gelijkmatig over het deeg met een mes. Rol de plak op tot een cilinder of dikke worst. Snij vervolgens 12 gelijke plakken van ongeveer 1,5 cm van de rol. Leg daarna de plakjes op de bakplaat met bakpapier. 

Dek de kaneelbroodjes af met een schone theedoek en laat ze nogmaals c.a. 30 minuten rijzen.

Verwarm de oven voor op 250 graden. Als de rolletjes deeg gerezen zijn, bestrijk de bovenkant van de broodjes met losgeklopt ei en bestrooi ze rijkelijk met kaneelsuiker. Bak de broodjes 8 minuten op 225 graden, tot de broodjes goudbruin zijn. Geniet van de warme kanelbulle  met een kopje koffie.

Tips voor het recept

Het kaneelbroodjesdeeg kan de dag ervoor worden gemaakt en een nacht in een grote luchtdichte bak in de koelkast worden bewaard (het blijft rijzen, dus zorg voor voldoende ruimte). Leg het deeg op een met bloem bestoven oppervlak en bedek het met een theedoek. Laat het deeg 30 minuten opwarmen alvorens het uit te rollen en te vullen. Buiten de koelkast de broodjes ongeveer 5 dagen houdbaar. In de vriezer tot wel 3 maanden.

Bron: Global Heart


Je kunt ook interesse hebben in:

Vegan lemon bars

Vegan pompoen cupcakes (+ video)

Translate »